Een halftrack, in het Nederlands halfrupsvoertuig, is een militair voertuig dat aan de voorzijde is uitgerust met gewone wielen en aan de achterzijde met rupsbanden. Die combinatie gaf het voertuig de wendbaarheid van een wieltransport op verharde wegen en de terreinprestaties van een rups voertuig op modderig of onverhard terrein. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de halftrack een van de meest veelzijdige en wijdverspreide voertuigen van zowel de geallieerde als de Duitse strijdkrachten.
Het meest gebruikte geallieerde model was de Amerikaanse M2 en M3 halftrack, die op grote schaal werd geproduceerd en via het Lend-Lease programma ook werd geleverd aan Britse, Canadese en andere geallieerde legers. Het voertuig bood ruimte aan een chauffeur en tot dertien infanteristen, beschermd door staalplaten tegen geweervuur en granaatscherven. Dat maakte de halftrack tot het primaire voertuig voor gemechaniseerde infanterie: troepen die snel naar het front konden worden gebracht en relatief beschermd over het slagveld konden bewegen.
Bij de bevrijding van Nederland in 1944 en 1945 waren halftracks alomtegenwoordig in de geallieerde colonnes. In het Nederlandse polderlandschap, met zijn zachte bermen, smalle dijkwegen en talloze watergangen, bewees de halftrack zijn waarde op terrein waar gewone vrachtauto’s vastliepen. Canadese gemechaniseerde infanterie-eenheden die door Brabant, Zeeland en later door het noorden van Nederland optrokken, vertrouwden op halftracks voor het snel verplaatsen van troepen tussen gevechtsposities en voor het aanvoeren van munitie en voorraden naar vooruitgeschoven eenheden.
Voor de burgerbevolking waren de open halftracks met hun zichtbare lading aan soldaten en uitrusting een van de meest directe beelden van de bevrijding in beweging. Anders dan een gesloten tank of vrachtauto maakte de open constructie de menselijke kant van de bevrijding zichtbaar: jonge mannen in uniform, uitgerust voor de strijd, op weg door straten die net nog bezet waren geweest.
In museale collecties staat de halftrack als tastbaar bewijs van de gemechaniseerde oorlogsvoering die de bevrijding van Nederland mogelijk maakte, een voertuig dat de grens tussen transport en gevecht letterlijk in zich verenigde.